Doedelzak

De doedelzak heeft een lange en eervolle geschiedenis die is terug te voeren tot het begin van onze beschaving want het is één van de oudste, door de mens bespeelde, instrumenten.

Vermoedelijk is het begonnen in het oude Egypte waar een eenvoudige chanter en drone tegelijkertijd bespeeld werden.

Later werden ze aan een zak van dierenhuid vastgemaakt en voorzien van een blaaspijp zodat een primitieve vorm ontstond van het instrument dat wij nu kennen. In deze vorm werd het instrument bespeeld door de Grieken en de Romeinen en tenslotte door heel Europa verspreid, eerst door de Kelten en daarna door de Romeinen, bij hun landveroveringen.

Door de eeuwen heen bleef het instrument populair en gedurende de Middeleeuwen was het, nog steeds in zijn primitieve vorm, een van de meest voorkomende instrumenten in de landen van Zuid -, Centraal- en West Europa.

Het was ook één van de favoriete instrumenten van de rondtrekkende minstreels die verantwoordelijk waren voor de meeste, destijds gespeelde, muziek.

Helaas werden in veel landen de indoor muziek (piano, gitaar e.d.) steeds populairder. De Doedelzak verdween nagenoeg in de meeste landen.

Schotse highlands

In de Schotse Highlands was zijn geschiedenis anders: Zijn krijgshaftige muziek deed het goed bij de oorlogszuchtige geest van de bevolking daar en het feit dat de Highlands niet “verstedelijkten” betekende dat er meer vrije ruimte was en dus ook meer gelegenheid om buiten te spelen.

De originele vorm van het instrument met een zak, een chanter, één drone en een blaaspijp bleef onveranderd tot ongeveer 1500. Toen werd een tweede drone toegevoegd. Rond 1700, weer 200 jaar later, kwam daar een derde drone bij, de bassdrone. De doedelzak paste goed in het Clan systeem dat destijds in gebruik was. De chieftains van de clans hadden hun eigen pipers, in veel gevallen een erfelijke baan.

Scholen ( colleges) werden opgericht om doedelzakles te geven.Daar waren er een aantal van. In deze colleges ontwikkelde zich de Ceol Mor of Piobaireachd: de klassieke muziek van de doedelzak die de vergelijking goed kan doorstaan met de grootste composities uit de verdere muziekwereld.

De beroemdste van die colleges was dat van de MacCrimmons in Boreraig op het eiland Skye. De MacCrimmons waren de erfelijke pipers van de MacLeods of Dunvegan en zij behielden deze post gedurende 200 jaar. Deze school werdt rond 1590 opgericht. Zij gaven  les aan pipers uit de hele Highlands en alwaar door middel van een zware opleiding, de ceòl mór werd onderwezen. Zij hebben vele meesterwerken van Ceol Mor gecomponeerd waarvan wij de meeste tunes nog steeds hebben en spelen.

Na de opstand van de Jacobites in 1745 werd het bespelen van de doedelzak en het dragen van een kilt verboden in Schotland. Deze wet werd met kracht gehandhaafd. De Colleges verdwenen en de erfelijke families van pipers (de hereditary pipers) vielen uit elkaar. Gedurende deze tijd en ook vele jaren daarna was er het grote gevaar dat de doedelzak ook hier zou verdwijnen.

Gelukkig werd het spelen ervan weer toegestaan voordat de kunst om dat te doen vergeten was. Gelukkig ook is het feit dat pipers gedurende deze tijd begonnen om de Ceol Mor op te schrijven in muziekschrift. Daarvoor werd het altijd vocaal overgeleverd maar nu zijn er een paar honderd tunes gepubliceerd in notenschrift.

In Londen, Edinburgh en op andere plaatsen werden Highland Societies opgericht met het doel om de tradities van het leven in de Highlands levendig te houden en in ere te herstellen. Die Societies begonnen met het organiseren van doedelzak competities. De doedelzak werd ook het favoriete instrument van de Schotse soldaten die in steeds grotere getale het Britse leger in gingen.

Dit alles heeft geholpen bij de opleving en de populariteit van de doedelzak zodat zijn overleving zeker gesteld werd. De doedelzak heeft steeds meer in populariteit toegenomen en is tegenwoordig over de hele wereld bekend en wordt ook vrijwel overal gespeeld.

De persoon die een piper wil worden kan er trots op zijn dat dit een nobel instrument is met een grootse traditie. Het instrument kan prachtige muziek voortbrengen en prachtige muziek is ervoor gecomponeerd. Het instrument is het waard dat de “leerling” zich er voor 100% voor inzet.

(Vrije vertaling van de tekst uit Tutor 1 van het College of Piping, Glasgow) Josien Teerlink. Bijgewerkt door B Hoenders.

 

Bart Hoenders, Pipe Mayor